Mailformulier   Sitemap  

Menu

In Hoc Signo Vinces!

Home > Hier en nu > De eerste christenen en de jongeren. Een jaar na WJD Madrid

De eerste christenen en de jongeren. Een jaar na WJD Madrid

WJD Madrid

Wat hebben de eerste christenen te zeggen tot de jongeren? 

Kardinaal Newman laat zien hoe het Christendom zich uitbreidt dankzij de impuls van het geloof en de liefde

"Men zegt dat de zekerheid, het vertrouwen en de moed in het spreken niet christelijk zijn. Is die redenering eerlijk? Stoelt dit oordeel op feiten? Was het het vertrouwen of de vertwijfeling, de ijver of de koelheid, vastberadenheid of besluiteloosheid wat de martelaren onderscheidde in de eerste tijden van de Kerk? De godsdienst van Christus verspreidde zich niet door filosofische argumenten, maar voortgestuwd door het geloof en de liefde.

Kijk naar de eerste martelaren. Het waren jongemannen en vrouwen, gewone soldaten en slaven; een menigte van jong en doorzettend volk dat wilde leven in voorzichtigheid, en niet in eerste instantie uit was op te sterven. Het waren christenen die keizerlijke manifesten verscheurden, zijn rechters uitdaagden, en niet rustten voordat ze in de leeuwenkuil werden geworpen. En als ze uit een stad verdreven werden, begonnen ze te verkondigen in een andere.

En dat zei een blind volk van hen die een onzichtbare God aanschouwden. Dat was inderdaad een geestelijke blik op God die hun aanzette tot hun geheel eigen gedrag."

(John Henry Newman, Discourses to Mixed Congregations. Discours 9. Illuminating Grace, 1906, blz. 180)

Gregorius van Nissa spreekt over de noodzaak van geestelijke leiding

"Daar de meerderheid nog jong besluit te leven in maagdelijkheid en met nog onvolgroeid verstand, zou het meest geschikt zijn voor hen vooral een goede gids en meester te zoeken op deze weg. Het mocht niet zo zijn dat zij zich door onwetendheid op dwaalwegen begeven die hen afleiden van het rechte pad. 'Je kunt beter met zijn tweeën zijn dan alleen', zegt de Prediker (4,9). Iemand alleen kan overvallen worden op de weg die leidt naar God."

(Gregorius van Nissa, De virginitate, 23, 3)

Ambrosius laat zien hoe ook wij elke dag martelaren kunnen zijn als we Christus verkondigen met onze goede werken

En zoals er vele vervolgingen zijn, zo zijn er ook vele martelaren. Elke dag ben je getuige van Christus. Je bent een martelaar van Christus als je de bekoring van een zinnelijke geest hebt ondergaan, maar -met vrees voor het toekomstig oordeel van Christus- er niet aan dacht de zuiverheid van ziel en lichaam te schenden.

Je bent een martelaar van Christus als je door de geest van gierigheid bent bekoord om je de goederen van ondergeschikten toe te eigenen of de rechten van de weerloze weduwen niet te eerbiedigen, maar je het beter oordeelde de rijkdom te verwerven van de beschouwng van Gods geboden, dan onrechtvaardigheid te begaan…

Je bent een martelaar van Christus als je bekoord bent door de geest van hoogmoed, maar na het zien van het zwakke en behoeftige heb je vroom van hart medelijden gehad en de nederigheid meer bemind dan de arrogantie. En meer nog als je niet alleen met het woord, maar ook met werken getuigd hebt. (…) Want hij is werkelijk getuige die borg staat met zijn daden en Jezus Christus belijdt. Hoevelen, elke dag, zijn martelaren van Christus in het verborgene, en belijden de Heer Jezus met hun werken! 

(Ambrosius, Expositio Psalmi CXVIII, 20-51)

Chronologie

 
top
Laatste update: