Mailformulier   Sitemap  

Menu

In Hoc Signo Vinces!

Home > Hier en nu > De geschiedenis van de Rozenkrans

De geschiedenis van de Rozenkrans

De Virgen de Gracia, Valencia (Spanje) 

Het christenvolk heeft altijd de noodzaak gevoeld Maria als middelares aan te roepen, de biddende Almacht, kanaal van genade. Zo ontstonden gedurende de eeuwen de mariale devoties, zowel liturgische als volksdevoties.

Onder deze devoties tot Maria bevindt zich de Rozenkrans die zich in de loop van de eeuwen is gaan onderscheiden van alle andere. Het is dan ook de vroomheidsoefening bij uitstek om de allerheiligste Maagd Maria, Moeder van God, te eren.

Historische antecedenten

Maria, Giovanni da Sassoferrato (1640-50)

De Romeinen en Grieken in de Oudheid waren gewoon de beelden van hun goden te kronen met rozen ten teken van hun toewijding. Dat is dan de letterlijke betekenis van 'rozenkrans'.

In lijn met dit gebruik droegen de christen-vrouwen op weg naar hun martelaarschap in het Colosseum hun mooiste kleren en de hoofden gekroond met een krans van rozen, ten teken van de vreugde en de toewijding van hun hart bij het tegemoet treden van God. 's Nachts verzamelden de christenen hun kronen en bij elke roos baden zij een gebed of een psalm voor de eeuwige zielrust van de martelaren. 

Oorsprong en ontwikkeling

In de Middeleeuwen groette men Maria met de titel Roos, symbool van vreugde. Hermann Joseph van Steinfeld (+1241) zei Haar: «Verheug U, Gij, schoonheid zelve. / Ik zeg U: Roos, Roos», en in een middeleeuws Frans manuscript vinden we: «wanneer de schone roos Maria aanvangt te bloeien, verdwijnt de winter van onze beproevingen en schittert de zomer van de eeuwige vreugde». De beeltenissen van Maria worden gesierd met een «rozenkroon» en men zingt Maria toe als «rozenhof» (in middeleeuws Latijn rosarium); en zo komt de etymologie van de naam tot ons in onze dagen.

Het was in die tijd dat zij die de 150 psalmen van het Brevier niet konden lezen, dit gebed vervingen door 150 Wees gegroeten, vergezeld door kniebuigingen waarbij men zich bediende van kralen in een snoer of knopen in een koord in tientallen bij elkaar. Daarbij werd het leven van Maria overwogen en gepredikt. In de dertiende eeuw schreef de Cisterciënzer abt Stephen of Sawley in Engeland enkele overwegingen waarin de vijftien vreugden van Onze Lieve Vrouw worden beschreven, Meditationes de gaudiis beatae et gloriosae semper virginis Mariae. Elk daarvan werd afgesloten met een Wees gegroet. 

Maria met Rozenkrans, Murillo (1650-55)

Zonder ons te verliezen in een eindeloze discussie over de laatste details van de huidige structuur van de heilige Rozenkrans, kunnen we zeggen dat Dominicus Guzmán (+1221) die, geïnspireerd door de Maagd Maria zelf, het meest heeft bijgedragen aan de vorm en verspreiding van de Rozenkrans. De aanleiding vormde de verspreiding van de Albigenser ketterij die hij bestreed «niet met de kracht van wapens maar met het sterkste geloof in de devotie tot de Rozenkrans die hij persoonlijk en door zijn geesteskinderen verspreidde tot de uithoeken der aarde...» (Paus Leo XIII, Enc. Supremi apostolatus, 1 september 1883).

Tegen het einde van de vijftiende eeuw geven de dominicanen Alain de la Roche (+1475) in de Lage Landen, Jacob Sprenger (+1495) en Felix Faber (+1502) in het Duitse taalgebied aan de Rozenkrans een vorm die lijkt op die van vandaag. Er worden vijf of vijftien geheimen beschouwd die elk bestaan uit het bidden van tien Wees gegroeten. De geheimen die worden beschouwd zijn gegroepeerd als blijde, droevige en glorievolle geheimen. In een weekcyclus worden zo de centrale gebeurtenissen van de levens van Jezus en Maria beschouwd, als een samenvatting van het hele liturgische jaar en van geheel het Evangelie. Tenslotte werd daar de litanie nog aan toegevoegd die in de Kerk al een lange traditie heeft.

De devotie van de Rozenkrans kreeg onder paus Leo XIII sterke impuls, en werd aan de litanie van Loreto de aanroeping «koningin van de heilige Rozenkrans» toegevoegd.

In moderne tijden hebben de wonderlijke gebeurtenissen in Lourdes en Fatima op bijzondere wijze bijgedragen aan de bestendiging en groei van deze mariale devotie: «de Allerheiligste Maagd zelf wilde in onze tijd dit gebruik aanbevelen toen Zij verscheen in de grot van Lourdes en aan het meisje uitlegde hoe de Rozenkrans gebeden moest worden.»

Structuur

Het volledige Rozenkrans-gebed bestaat uit 150 Wees gegroeten. Die worden verdeeld in drie groepen van blijde, droevige en glorievolle geheimen. Deze groepen van geheimen worden over de week verdeeld, waarbij dagelijks vijf tientallen van Wees gegroeten worden gebeden. Volgens gebruik werden op de zondag, woensdag en zaterdag de glorievolle geheimen beschouwd, op maandag en donderdag de blijde geheimen, en de dinsdag en vrijdag de droevige. Aan het einde van het dagelijkse gebed wordt de litanie van Loreto gezegd.

Johannes Paulus II voegde een serie van vijf geheimen van het licht toe, die worden op de donderdag beschouwd. Daarmee is de verdeling van gehiemen veranderd: op zondag de glorievolle, op maandag en zaterdag de blijde, op dinsdag en vrijdag de droevige en op donderdag de geheimen van het licht.

De slag bij Lepanto, Paolo Veronese (1572)

De drie groepen van geheimen herinneren ons aan de drie grote mysteries van de verlossing. Het mysterie van de Menswording wordt ons vreugdevol voorgehouden met de Aankondiging, de Visitatie, de Geboorte, de presentatie in de tempel en reinigng van de Moeder, en ten slotte het terugvinden temidden van de leraars in de tempel. Het mysterie van de Verlossing wordt weergegeven door diverse momenten van de Passie: het gebed en de doodsangst in de tuin van Getsemani, de geseling, de doornenkroning, de kruisdraging naar Calvarië en de kruisiging. Het mysterie van het eeuwig leven wordt aangeduid met de Verrijzenis van de Heer, Zijn Hemelvaart, Pinksteren, de Tenhemelopneming van Maria, en haar kroning als koningin van de schepping. «De gehele geloofsbelijdenis trekt dus aan ons oog voorbij, en dat niet op een abstracte wijze maar concreet in het leven van Christus. Hij daalt tot ons neer en stijgt op naar de Vader om ons tot Hem te voeren. Het gaat om het gehele christelijke dogma in zijn diepte en schittering dat we op deze wijze en alle dagen kunnen begrijpen, smaken en er onze ziel mee kunnen voeden» (R. Garrigou-Lagrange, La Madre del Salvador y nuestra vida interior, Buenos Aires 1954 [3e], blz. 261).

Johannes Paulus II  nam in de Rozenkrans de geheimen van het licht op die diverse momenten van Jezus' leven bevatten die nog ontbraken aan de beschouwing: Jezus' Doopsel, de bruiloft te Kana, de verkondiging van het rijk Gods, de Gedaanteverandering en de instelling van de Eucharistie.

Instelling van het feest van de heilige Rozenkrans

Op 7 oktober 1571 vond de belangrijke zeeslag bij Lepanto plaats waarin christelijke mogendheden de Ottomanen versloegen. De christenen waren zich bewust van het belang van de uitkomst van deze slag: de godsdienstvrijheid stond op het spel. Om deze reden vertrouwden zij op Gods hulp door de voorspraak van Maria. Paus Pius V (+1572) vroeg de christenen de Rozenkrans te bidden voor de overwinning door de christenvloot.

Dagen later werd de overwinning officieel bericht, en een feest ingesteld op 7 oktober met de naam Onze Lieve Vrouw van de Overwinningen.

Een jaar later veranderde paus Gregorius XIII (+1585) de naam van het feest in Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans en bepaalde dat de feestdag zou worden gevierd op de eerste zondag van oktober, de dag waarop de overwinning was behaald. Heden ten dage wordt het feest weer gevierd op 7 oktober en enkele Dominicanen blijven het vieren op de eerste zondag van de maand oktober.

 

Bewerking van: J. Ferrer Serrate, M. García Miralles, Rosario, Encyclopedie Gran Enciclopedia Rialp.

Chronologie

 
top
Laatste update: