Mailformulier   Sitemap  

Menu

In Hoc Signo Vinces!

Home > Hier en nu > De oorsprong van het Kerstfeest

De oorsprong van het Kerstfeest

De verspreiding van de liturgische viering van Christus' geboorte verliep zeer snel In de tweede helft van de vierde eeuw breidt ze zich uit over de gehele christelijke wereld, van het noorden van Afrika in het jaar 360, naar Constantinopel in het jaar 380, Spanje in 384 en Antiochië in 386. In de vijfde eeuw is dit feest al bijna universeel.

De christenen van de eerste generatie, dat wil zeggen zij die de verkondiging direct van de Apostelen vernamen, kenden het leven van Jezus goed en bemediteerden dat. Vooral de belangrijkste momenten van dit leven, dat wil zeggen zijn lijden, verlossende dood en de glorierijke verrijzenis.

Geboorte van Jezus

Ook herinnerden zij zich zijn wonderen, zijn parabels en vele details van zijn prediking.

Dat was wat zij vernomen hadden van hen die de Meester gevolgd waren tijdens zijn openbaar leven, degene die directe getuigen waren geweest van al die gebeurtenissen.

Over zijn jeugd kenden zij slechts enkele details die wellicht verteld zijn door Jezus zelf of door zijn Moeder, hoewel het grootste deel daarvan Maria in haar hart bewaarde.

Bij het schrijven van de Evangelies heeft men alleen het meest significatieve opgenomen over de geboorte van Jezus. Vanuit verschillende invalshoeken brengen Matteüs en Lukas dezelde elementen naar voren: Jezus werd geboren in Betlehem, uit de Maagd Maria de verloofde van Jozef maar zonder dat Maria een man bekende. Aan het einde van de beschrijving van de kinderjaren van Jezus geven beide aan dat zij in Nazaret gingen wonen.

Matteüs benadrukt dat Jezus de Messias is die afstamt van David, Hij is de Verlosser in wie de beloften van God aan het oude volk van Israël in vervulling zijn gegaan. Omdat de afstamming van Jezus uit David het gevolg is van zijn zoonschap van Jozef volgens de Wet, verhaalt Matteüs met zorg het doen en laten van Jozef de Patriarch.

Daarentegen concentreert Lukas zich op de Maagd —die tevens de mensheid vertegenwoordigt die trouw wil zijn aan God— en leert dat het Kind dat geboren is in Betlehem de beloofde Verlosser is, de Messias en Heer die in de wereld is gekomen om alle mensen te verlossen.

In de tweede eeuw maakt het verlangen om meer te weten over de geboorte van Jezus en zijn kinderjaren dat vrome lieden –die niet over exacte historische gegevens beschikken– fantasierijke verhalen verzinnen. Enkele hiervan kennen we door apocriefe evangelies. Eén van de meest gedetailleerde vertellingen over de geboorte van Jezus komt voor in het zogenaamde Proto-evangelie van Jacobus, dat volgens andere manuscripten zoals de Geboorte van Maria, geschreven is rond de tweede eeuw.

Voor de eerste generaties van christenen is het feest bij uitstek Pasen, de gedachtenis aan de Verrijzenis van de Heer. Allen wisten maar al te goed op welke wijze Jezus was gekruisigd en wanneer Hij verrees: tijdens de belangrijkste dagen van het Joodse paasfeest rondom de vijftiende Nisan, dat wil zeggen de dag van de volle maan in de eerste maand van het voorjaar.

Maar zeer waarschijnlijk kenden zij niet met dezelfde zekerheid het moment van zijn geboorte. Het was geen gebruik onder de eerste christenen om de verjaardag te vieren, en men had geen feest ingesteld om de verjaardag van Jezus te vieren.

Tot de derde eeuw hebben we geen bericht over de dag van de geboorte van Jezus. De eerste getuigenissen van de Kerkvaders en kerkelijke schrijvers geven afwijkende data aan. De eerste indirecte verwijzing dat de geboorte van Jezus op de 25ste december viel, geeft Sextus Julius Africanus in het jaar 221. De eerste directe verwijzing naar deze viering is van de filocaliaanse liturgische kalender van 354 (MGH, IX,I, 13-196): VIII kal. Ian. natus Christus in Betleem Iudeae (“de 25 december werd Christus geboren in Betlehem in Judea”). Vanaf de zesde eeuw zijn in de Westerse traditie de getuigen steeds unaniem met deze datum, terwijl de Oosterse traditie de voorkeur heeft voor 6 januari.

Grot van de Geboorte, Betlehem

Een veelgehoorde verklaring hiervoor luidt dat de christenen deze datum kozen omdat vanaf het jaar 274 op 25 december in Rome de dies natalis Solis invicti vierde, de geboortedag van de onoverwinnelijke zon, de overwinning van het licht op de langste nacht van het jaar.

Deze verklaring wordt bevestigd door de liturgie van Kerstmis en de Kerkvaders van deze periode een parallel maken tussen de geboorte van Jezus Christus en de Bijbelse uitdrukkingen als zon van de gerechtigheid, sol iustitiae (Ma 4,2) en licht der wereld, lux mundi (Joh 1,4 e.v.).

De argumenten hiervoor zijn echter niet sluitend, en het is moeilijk voor te stellen dat de christenen op deze wijze heidense feesten aan de liturgische kalender zouden willen aanpassen, vooral als zij zulke zware vervolgingen hebben ondergaan.

Een meer aannemelijke verklaring zou kunnen zijn de datum van de geboorte van Jezus af te laten hangen van de datum van de Menswording, die op zijn beurt weer samenhangt met de datum van zijn dood. In een anoniem tractaat over zonnewenden en equinocten wordt beweerd dat "onze Heer werd ontvangen op de 8 van de kalendas van april in de maand maart (25 maart), dat wil zeggen de dag van de Passie van de Heer en van zijn ontvangenis, want Hij werd op dezelfde dag ontvangen waarop Hij stierf” (B. Botte, Les Origenes de la Noël et de l’Epiphanie, Louvain 1932, l. 230-33). In de Oosterse traditie die op een andere kalender steunt, worden passie en menswording van de Heer gevierd op 6 april, datum die in overeenstemming is met de viering van de geboorte op 6 januari.

Detail van de facade met de Geboorte. Sagrada Familia in Barcelona

Deze relatie tussen passie en menswording is zeker volgens de mentaliteit van de Oudheid en de Middeleeuwen waarin bewondering werd gekoesterd voor de ordening van het universum als geheel, waarin Gods ingrepen onderling geordend waren.

Het betreft een opvatting die ook wortels heeft in het Jodendom, waarin schepping en verlossing nauw gerelateerd zijn aan de maand Nisan.

De christelijke kunst heeft dezelfde idee weergegeven door de geschiedenis in het schilderen van de aankondiging aan de maagd Maria terwijl het kind Jezus uit de hemel afdaalt met een kruis.

Het is dus zeer wel mogelijk dat de Christenen de verlossing door Christus hebben verbonden met Zijn ontvangenis, en dat bepaalt de datum van zijn geboorte. "Doorslaggevend voor 25 december was de samenhang tussen schepping en kruis, tussen schepping en ontvangenis van Christus" (Joseph Ratzinger, De geest van de liturgie, 131).

Francisco Varo, docent Heilige Schrift van de faculteit Theologie van de Universiteit van Navarra.

Bibliografie: Joseph Ratzinger, De geest van de liturgie (Vereniging voor Latijnse Liturgie, 2001); Thomas J. Tolley, The origins of the liturgical year, 2nd ed., Liturgical Press, Collegeville, MN, 1991) (Of vert.: Le origini dell'anno liturgico, Queriniana, Brescia 1991)

Chronologie

 
top
Laatste update: